Nummer 102


uiterst links nummer 102, het huis waar ik opgroeide (google street view, 131012)
Dit dan is het huis waar ik geboren werd en de eerste 19 jaar van mijn leven woonde. Geen opvallend huis in deze uit ca. 1900 stammende straat, eerder nogal gewoontjes. Maar ruim genoeg voor een gezin met 6 kinderen en een lespraktijk aan huis.

Mijn vader kocht het huis in 1949, ik dacht voor rond de 10.000 gulden die hij van zijn moeder leende. Er waren toen twee kinderen met een derde op komst en er zouden er daarna dus nog drie volgen.

Het huis had een voorgang waar de fietsen stonden (zie het filmfragmentje hieronder), een lange gang met daarachter de keuken. Ernaast bevonden zich achter elkaar de serre, achter(eet-)kamer en voor(zit-)kamer. De laatste twee door schuifdeuren van elkaar gescheiden.

nr. 102 is het rechterhuis (genomen zomer 2005)
Op de eerste verdieping een badkamer, de grote ouderslaapkamer (beide achterkant) en een grote en kleine slaapkamer aan de voorkant. De grote werd de kinderkamer genoemd en had, zoals op de foto's te zien is een ruim balkon. 

Op de tweede verdieping bevonden zich achter mijn vaders studeerkamer en een kleine slaapkamer en voor weer een grote en kleine slaapkamer. 

Wie welke kamer 'bewoonde' werd bepaald door ancienniteit. De kleinste(n) sliep(en) altijd in de kinderkamer, lekker makkelijk naast de ouderlijke slaapkamer. De volgende sliepen dan op het kleine kamertje ernaast, vervolgens het kleine kamertje achter op de bovenste etage, het kleine kamertje voor op die verdieping en de oudste had de grote voorkamer ernaast. Naarmate we ouder werden en er kinderen uit huis gingen schoven we door zodat ook ik uiteindelijk van 1968 tot 1970 de beste slaapkamer mocht bezetten. Bijkomend voordeel: de kamer beschikte over zijn eigen wastafel!

het enige bewegend beeld van nr. 102 is dit korte fragment uit de jaren '70 op de verjaardag van mijn moeder. Te zien mijn vader en twee van mijn broers.

Tot in de jaren zestig werd het huis met kolenkachels verwarmd. Eenmaal per jaar kwam de kolenboer die een groot hok in de achtertuin volgooide. Om de beurt schepten we daar 's winters, weer of geen weer, de kolenkitten vol voor beide grote kachels in voor- en achterkamer. Boven waren geen kachels. Alleen mijn vaders studeerkamer had een aladin petroleumkacheltje.

En dus waren we gewend 's winters onder dikke dekens te slapen met lakens die nog ijskoud waren als je eronder kroop. ''s Ochtends stonden de ijsbloemen vaak op de ramen. Ach, dat was gewoon toen.

Eind jaren vijftig liet mijn vader het huis grondig verbouwen: er kwam een grote modernisering van de benedenverdieping. Tussen keuken en eetkamer kwam een diepe kastcombinatie met o.a. laden voor bestek etc. die naar beide kanten opengingen, een doorgeefluik en zelfs een klein fonteintje om de waterkoker voor thee mee te vullen bijvoorbeeld. Ook de kasten aan weerszijden van de schuifdeuren werden vernieuwd. Zo kwam er een enorm ladenblok met een lade voor elk kind. Heel handig!




kleinere foto's: 

mijn zusje naast de kachel in de achterkamer (1959),

kaasfondue met zicht op het nieuwe ladenblok in de achterkamer (1960),

met mijn jongere broer en zus in de tuin (1961), 

aan tafel bij het doorgeefluik in de achterkamer (1962), 

met mijn vader broodjes smeren in de keuken (1959), 

bovenaan op de touwladder aan het klimrek in de tuin (1958)

kerst 1963, de voorkamer


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen